De bepalingen van het Wetboek IPR zijn van toepassing op de erkenning van buitenlandse huwelijksakten die na de inwerkingtreding van dit wetboek tot stand zijn gekomen. Dus na 1 oktober 2004 (artikel 126, § 2 Wetboek IPR).

Voor de erkenning van huwelijksakten bestaat er geen Europese regelgeving. Een huwelijk gesloten in een lidstaat van de Europese Unie (EU) wordt op dezelfde wijze erkend als een huwelijk gesloten buiten de EU. Het Wetboek Internationaal Privaatrecht is van toepassing en niet de Brussel IIbis-Verordening.

Erkenning zonder gerechtelijke procedure: artikel 27 Wetboek IPR

Alle Belgische overheden kunnen een buitenlandse authentieke akte erkennen zonder dat er eerst een procedure moet gevoerd worden. Dat is het systeem van 'de plano' erkenning. De erkenning kan gebeuren door de ambtenaar van de burgerlijke stand, zonder enige rechterlijke tussenkomst. De ambtenaar van de burgerlijke stand moet de buitenlandse authentieke akte wel aan een controle onderwerpen.

De ambtenaar controleert:

  • de rechtsgeldigheid volgens het toepasselijk recht
  • de echtheid van de akte
  • strijdigheid met de openbare orde of wetsontduiking

De rechtsgeldigheid volgens het toepasselijk recht

De ambtenaar gaat na of het recht dat het Wetboek IPR aanwijst gerespecteerd is. Men maakt hier een onderscheid tussen de grond- en vormvoorwaarden van het huwelijk.

Grondvoorwaarden

Voor grondvoorwaarden moet het recht van de nationaliteit van elk van de betrokkenen worden nageleefd (artikel 46 Wetboek IPR).

Bijvoorbeeld: zo zal een huwelijk in het buitenland van een Belgische minderjarige niet worden erkend als de jeugdrechter vooraf geen toestemming heeft verleend of als er geen gewichtige redenen waren om die toestemming te verlenen. Belgisch recht bepaalt immers dat minderjarigen enkel mogen trouwen met toestemming van de jeugdrechtbank. Wanneer er gewichtige redenen zijn kan de jeugdrechtbank het verbod om te trouwen voor de leeftijd van 18 jaar opheffen. Zie artikel 145 Burgerlijk Wetboek.

Let wel: bij personen die de Belgische en een buitenlandse nationaliteit hebben, wordt enkel rekening gehouden met de Belgische wetgeving (conform artikel 3 Wetboek IPR).

Vormvoorwaarden

Voor de vormvereisten verwijst het Wetboek IPR naar het recht van de plaats van de huwelijkssluiting (artikel 47 Wetboek IPR).

In sommige landen, bijvoorbeeld Spanje, heeft een kerkelijk huwelijk ook burgerrechtelijke gevolgen. Als een religieuze akte in het land van herkomst volstaat om ook burgerrechtelijk gehuwd  te zijn, dan zal het huwelijk ook burgerrechtelijke gevolgen hebben in België.

In sommige landen, bijvoorbeeld Marokko, kan je een huwelijk afsluiten bij volmacht. Dat betekent dat je niet zelf aanwezig hoeft te zijn bij de huwelijkssluiting maar dat je een mandaat geeft aan een andere persoon om in je plaats het huwelijk te sluiten. Of een huwelijk afsluiten bij volmacht is toegelaten, is een vormvoorwaarde van het huwelijk. Op de vormvoorwaarden is het recht van de plaats van huwelijkssluiting van toepassing. Als het volgens de wetgeving van het land waar je het huwelijk sluit toegelaten is om een huwelijk bij volmacht te sluiten, dan kan de buitenlandse huwelijksakte in België worden erkend.

De echtheid van de akte

De ambtenaar moet nagaan of de akte voldoet aan de voorwaarden die volgens het recht van het land waar zij is opgesteld, nodig zijn voor haar echtheid. Apostille of legalisatie bieden het bewijs dat het document werd opgemaakt door de bevoegde instantie in het land van herkomst en dat de handtekening van de ondertekende ambtenaar echt is.

Strijdigheid met de openbare orde

Onder openbare orde wordt de internationale privaatrechtelijke openbare orde begrepen. Het Hof van Cassatie begrijpt hieronder de beginselen die essentieel zijn voor de morele, politieke en economische orde van België (Hof van Cassatie - C.04.0430.F van 18 juni 2007).

Iedere casus zal in concreto beoordeeld moeten worden. Bij de beoordeling van deze onverenigbaarheid wordt in het bijzonder rekening gehouden met:

  • de mate waarin het geval met de Belgische rechtsorde is verbonden en
  • de ernst van de gevolgen die de toepassing van dat buitenlands recht zou meebrengen (artikel 21 Wetboek IPR). Zo wordt in geval van bigamie de tweede huwelijksakte niet erkend wegens strijdigheid met de openbare orde.

Bepaalde gevolgen van een huwelijk dat geldig in het buitenland is afgesloten kunnen wel in België erkend worden. Dat is de verzachtende werking van de openbare orde. Zo kan het totaalbedrag van een overlevingspensioen van een polygame echtgenoot in sommige gevallen worden verdeeld tussen de verschillende echtgenotes.

Wetsontduiking 

Er moet geen rekening worden gehouden met feiten en handelingen die gesteld zijn met als enige doel te ontsnappen aan de toepassing van het door deze wet aangewezen recht (artikel 18 Wetboek IPR). 

Deze bepaling wordt soms gebruikt om buitenlandse huwelijksakten niet te erkennen wegens vermeend schijnhuwelijk. Het kan gaan om situaties waarin de betrokkenen eerder een weigeringsbeslissing tot huwelijksvoltrekking in België kregen en waar de betrokkenen vervolgens in het buitenland zijn gaan huwen. 

Ook bij huwelijken in de Scandinavische landen van personen die helemaal geen band hebben met de plaats van huwelijkssluiting, kan de overheid die zich uitspreekt over de erkenning van de buitenlandse huwelijksakte soms besluiten dat er sprake is van wetsontduiking. De beschikbare rechtspraak hierover is niet eenduidig. 

Gerechtelijke erkenning: artikel 27 § 1 Wetboek IPR

Als de ambtenaar van de burgerlijke stand (of een andere overheid) weigert om je buitenlandse huwelijksakte te erkennen, kan je de erkenning ervan verzoeken aan de familierechtbank. Dat kan op eenzijdig verzoekschrift. De ambtenaar hoeft niet te worden gedagvaard.

Artikel 27 Wetboek IPR verwijst naar de procedure in artikel 23 Wetboek IPR. Zie ook subtitel G.3 van de Circulaire van 23 september 2004.

Voor te leggen stukken bij erkenning: artikel 24 Wetboek IPR

Bij de erkenning van akten is ook artikel 24 Wetboek IPR van toepassing (artikel 27 §1, derde alinea Wetboek IPR). Deze bepaling stelt dat een "uitgifte van de beslissing" vereist is. De Circulaire van 23 september 2004, subtitel G.3 trekt dit door naar ’akten’. Dit houdt in dat van de buitenlandse akte het origineel of een voor eensluidend verklaard afschrift (= een authentieke kopie) moet voorgelegd worden.

Bovendien moet de akte vertaald zijn door een beëdigd vertaler en de vereiste legalisatie of apostille hebben.

Gevolgen van de erkenning voor het Rijksregister en de registers van de burgerlijke stand: artikel 31 Wetboek IPR

Rijksregister

Wanneer een buitenlandse huwelijksakte in België wordt erkend, leidt dit tot een aanpassing van het Rijksregister (van 'ongehuwd' of 'gescheiden' naar 'gehuwd').

Registers van de burgerlijke stand

Door het Wetboek IPR werd een nieuw artikel 48 in het Burgerlijk Wetboek ingevoerd (artikel 128 Wetboek IPR; zie ook Circulaire van 23 september 2004, subtitel G.6). De mogelijkheid tot overschrijving en kantmelding bestaat voor buitenlandse akten van de burgerlijke stand die betrekking hebben op een Belg.

Wanneer een Belg in het buitenland gehuwd is, kan de overschrijving van deze huwelijksakte gebeuren in:

  • de gemeente van de woonplaats van de Belg of
  • de gemeente van zijn eerste vestiging na terugkeer in België

Bij gebrek hieraan kan de overschrijving ook gebeuren in:

  • de gemeente van de laatste woonplaats in België van de betrokkene of van een van zijn ascendenten
  • de gemeente van zijn geboorteplaats
  • of bij gebreke aan dit alles: de registers van de burgerlijke stand van Brussel

Overgeschreven akten worden Belgische akten waarvan eensluidende afschriften en uittreksels kunnen worden afgegeven. 

 

Extra informatie